Reviews by debliek

"It's a shame we have to die my dear. No one' getting out of here.
Alive"
Ok, dat staat niet op dit album. Maar het is het beste nummer om mijn gevoel bij de Foo Fighters te omschrijven.

Dave Grohl komt ergens vandaan.Muzikaal komt hij uit de hoek van de rauwe grunge en persoonlijk van een weg met succes en verlies.

Dat weet hij muzikaal om te zetten in een bijzondere combinatie. Ja, de zware ervaringen mijdt hij niet. En ja, de bak muzikale energie die hij mee heeft genomen, wordt vol open gezet. Maar beide, zijn muzikale en persoonlijke verleden, zitten niet in de weg dat hij muzikaal vrolijkheid weet te brengen. Zie de man op het podium; en je weet dat hij geniet. Het aangehaalde DOA laat velen voluit meeblèren over een zwaar thema. Bijna als enkele door mij gehate smartlappen ook voor elkaar krijgen.

Dave maakt het grunge geluid toegankelijk. En nee, daarmee wordt het niet de happy hardcore van de grunge. Er is een goede balans. De energie blijft sterk.

Hoe zit dat dan op dit debut? Nou, de basis voor mijn beleving van de band is al zeker aanwezig. Bijvoorbeeld bij Alone. Het wordt voor later werk doorontwikkeld. Maar dit is nou een debut dat wel een plekje in deze lijst verdient. Maar de updates van het boek, hadden toch wel een later album mogen toevoegen.

4+ sterren en bonus voor de positieve energie.

Dreaming. Tja, dromerig kan ik het niet noemen..Het schiet heel wat kanten op. Van eigenlijk vrij toegankelijk naar geschreeuw. In vergelijking met haar soortgenoten, kan ik ook de Kate van dit album weer iets makkelijker hebben. Ja, het is kunst omdat het moet. Maar dat levert toch ook originele prettige vondsten op. Het is echt dat geschreeuw tussendoor waar ik op afknap. Anders had dit best 4 sterren kunnen krijgen.

The ChronicDr. Dre

Rated 8/10

De rapmuziek kan simpelweg niet onder dit album uit. Er zat een aardig aantal mensen vast in een zelfgebouwde kooi. Het was voor hen harcore-rap en anders niets. Dit album brak de kooi snel open. Het album bood een heel relaxed muzikale basis. Ik zou bijna zeggen Will Smith achtige klanken. Weliswaar met een overmatige hoeveelheid krachttermen, maar wellicht bood dat dan net de benodigde kracht om de kooi open te breken. Wellicht geldt dat ook voor de voor rap-albums uit deze tijd verplichte kreun, maar daar accepteer ik eigenlijk geen enkel excuus voor. Na het openbreken van de kooi moet je wel zorgen dat er niet een nieuwe kooi gebouwd werd. Ook aan de lange termijn werd gedacht. Het album is niet alleen het solo-debut de van Dré, het lanceerde ook een andere rap-artiest waar de wereld niet omheen kwam. Snoop Dog heeft sindsdien nog steeds een eigen sfeer en geluid en is vanaf dit album een begrip geworden.

Ik klik op de link en voor een plaat uit de '80s klinkt het wel heel erg '90s. Echt blij word ik er niet van. Dus maar eens naar wiki om te lezen waarom dit zo goed is. Maar goed ook, dat ik even surf. Want ik stuit gelijk op de waarschuwing. Verwar dit album niet met het album Throwing Muses van Throwing Muses. Huh? Jeetje, hebben ze gewoon twee verschillende albums met dezelfde naam uitgebracht. Wat irritant. Dat is vissen naar minpunten. Doe je alleen als je heel erg punk of heel erg artsy fartsy wilt zijn.

Ahoewel? 'Of'? Dit album heeft toch wel een flinke tegenstelling in zich. Het lijkt én punk én artsy fartsy uit te stralen. Luister voor de punk bijvoorbeeld delen van het eerste nummer en luister daarna het tweede nummer, een soort Kate Bush track. Het is toch wel toch wel knap en uniek dat het zo samengaat op één schijf. Echt blij word ik er zelf niet van, helemaal niet door het veelvuldig gebruik van die trillende stem. Het lijkt soms wel Jim Carrey's versie van Somebody to Love... Maar toch wel een toevoeging aan de lijst.

2,5 ster

Het boek schrijft onder dit album over Born Slippy. Ok, ze geven het toe. Dat nummer staat helemaal niet op dit album. Maar dat is wel het punt. Hét nummer waar de notering over gaat staat NIET op dat album. Nog steeds is het een 5 sterren-schijf die iedereen mag horen. Door de openingstracks en Pearl's Girl alleen al. Maar dé plaat die met alles brak en een nog steeds overeindstaand eigen geluid neerzette was Dubnobasewithmyheadman. Vanuit een eentonige basis werd opgebouwd naar een modern-barok-achtig geheel, waarbij stemgebruik en -vervorming bijzonder knap werden ingezet. Soms ontspoorde het zelfs. Zoals in Cowgirl (Everything, everything). Dat stemgebruik is één van de vele vormen die Underworld toepast om schijnbaar amuzikale elementen prachtig muzikaal in te passen. Wellicht het meest onderscheidende van de band. En juist dat komt op dit album net iets minder naar voren, Pearl’s Girl als mooie uitzondering. En ja, Born Slippy had dat inderdaad wel.

"The Club is open." De band heeft een propper bij de deur van dit album neergezet. Hoe jaren '90 wil je het hebben? En net als in het echte leven zorgt die propper ervoor dat we liever een deurtje verder kijken. Maar goed, om andere redenen, waren we al van plan naar binnen te gaan, dus vooruit, let's go!

Binnen blijkt hoe slecht de propper is. De tent is leeg. Er komt wat ongebalanceerde muziek ons tegemoet. Het publiek dat wel binnen blijft, lijkt knettergek. Het zou mij niet verbazen als ze mijn schoen willen lenen om mee te bellen.

De muziek blijft intussen vraagtekens oproepen. Was dit nummer al afgelopen? Heeft dit nummer nog iets met de club te maken?

Het geluid is belabberd. Soms krijgen we even (iets) beter geluid om het weer terug te draaien naar schuur-geluid en daarmee de eerdere zin nog eens te zingen (Pimple Zoo). Dat we maar mogen weten, dat dat nare geluid expres is....

Als ze met het album starten is de band springlevend. Vrolijk jammend nemen ze het publiek mee het spontane jazzy leven in. En ondanks de spelerij, weten ze daarbij af en toe ook het blues-gevoel van het leven mee te geven. De inspiratie lijkt dan van meneer Hendrix te komen.

Ondanks de knulligheden en dode stukken luistert het nummer erg makkelijk. Ik zou het op 4 sterren zetten. En dat is relevant, want na het nummer zitten we alweer op 1/3 van het album.

Moet ik bij het eerste nummer toch ook nog even mijn terugkerende ergernis kwijt. Ja hoor, weer een paar scheurtjes erbij in mijn trommelvliezen door die feedback.

Nou, als ik dat al moeilijk kan hebben, hebben ze voor mij nog een verrassende kijk op de dood in petto. De afsluiter heet zelfs Feedback. Grapje natuurlijk. Maar daar geef ik toch strafpunten voor.

Met heel veel moeite vond ik na het luisteren van de vier eerdere Byrds-platen die we kregen een positief punt. Met een vijfde plaat kan ik daar echt niet ineens een extra pluspunt bij toveren. Leuk dat deze lui gingen experimenteren met Moog en pedal steel quitar, maar het wordt er nauwelijks interessanter op. De hit was blijkbaar Goin' Back. Moeten we het echt hebben van dat gezapige nummer? Daar voegen de nieuwe instrumenten echt niets aan toe. Een ander populair nummer is Wasn't Born to follow. In de basis net zo gezapig. Maar zo'n twintig seconden draait het geluid inderdaad alle kanten op. Ok, hier volgen ze niemand, maar het is ook niet om aan te horen...

Aerosmith, met een terugkerende vier sterren, een kandidaat voor de oeuvre-prijs. Uit de 1001-lijst is dit album het schijfje dat mij het miste doet. Veelal is er niets mis, maar het beroert mij niet zo veel. Het album draait om Walk this way. De bewerking met Run D.M.C. tilde het album van de rappers al met een volledige ster omhoog. Maar dat kan natuurlijk alleen met een uitstekende basis. Die hoor je nu, en zonder de extra kracht springt het nummer nog met kop en schouders boven de rest van het album uit. Het tilt het album wat mij betreft met 0,75 ster omhoog. Niet dat dat uit maakt voor het totaal aantal sterren. Afgerond blijft dat 4 sterren

Na het eerste nummer, heb ik nog geen idee waar dit album naar toe gaat. Het heeft iets van triphop weg, het heeft iets van ambient. Ik heb even nauwelijks door, dat er ook nog gezongen wordt. Het geheel is wel interessant.

Al wordt het op de rest van het album wel iets meer naar voren gebracht, de teruggetrokken zang blijkt toch het hoofdingrediënt. Ik erger me er soms aan. Maar het is een verbreding van het muzikale aanbod en mag zeker in dit lijstje.

Ik ken het eerste nummer niet, maar het had in de zeroes zo dagelijks op de radio voorbij kunnen komen. Een pakkend gitaartje. Zoals velen in die tijd ligt de nadruk van elke zin een beetje aan het einde, maar vooral in het midden. Met verlengde verdraaiende lettergrepen als instrument hiervoor. Het geeft het festival-rock effect. Erom heen wordt een hele trukenkist geshowd. Dit album ga ik wel uitzitten.

Zoals wel vaker blijkt het eerste nummer de uitschieter. De rest blijkt wat meer vergeetbaar. Gek genoeg herken ik een paar van die weinig interessante nummers wel van de radio. Vraag me toch af of ze niet meer naam hadden gemaakt als ze een andere keuze hadden gemaakt over welke nummers op single moesten belanden.

Het totaal verdient wel een pluspunt, omdat er goed gevarieerd wordt. Helaas tot en met de jaren '60.

3,5 ster.

De titeltrack springt er met kop en schouders bovenuit. Vooral door de gitaar. De rest van het album is zeer toegankelijke vrij standaard blues. Niets mis mee. Het vertegenwoordigt het genre prima. Al is het wat raar om blues te laten vertegenwoordigen door een album uit 89.

3,5 ster

Het album start met de titel-track. Heel erg '80's. Maar ik krijg wel zin in het album. Het ligt erg makkelijk in het gehoor.

Luister ik verder dan is het album vooral niet zo interessant. Misschien is dat voor Prince wel goed. Want dat geschreeuw op Purple Rain hoef ik echt niet nog een keer te horen. Laten we het voor het album van vandaag maar positief duiden als meer balans. Maar met zo'n signatuur hoor je natuurlijk geen dubbelaar te leveren.

Ik dacht altijd dat het Coco stond voor 'prettig gestoord'. Daar zat ik nogal naast lees is op wiki. (Het staat voor 'I should think so'.) Het zegt wel wat over hoe ik de muziek vroeger ervaarde. Althans over de eerste nummers. Want heel ver ben ik nooit gekomen. Het was voor mij deels wat vrolijkmakende gekkigheid. Niet mijn smaak, maar het afhaken, kwam meer door het andere deel van mijn beleving: afstotende punk.

Nu luister ik toch wat verder. Het album krijgt later wat meer balans. Je zal het niet veel vaker uit mijn pen lezen, maar de extra britpop doet het album wel goed.

Is dit nu bewust zo opgebouwd? Een luchtig voorgerecht om eetlust op te wekken en daarna een meer gebalanseerd smakenpalet als hoofdgerecht? Aan het eind zijn we in elk geval iets te lang gebleven. Het licht gaat aan en er wordt een rustig muziekje aangezet om ons eruit te bonjouren.

3.5 ster.

Ik ga stuk. Nee, niet omdat het grappig is. De man trekt mij helemaal leeg. Aan het begin van elke kant zet hij mij op het verkeerde been. Om de rest van het album telkens hetzelfde trucje met de zeurende lange lettergrepen aan het eind van de zin toe te passen.

Norman Cook heeft er een neus voor. Hij trekt moeiteloos pareltjes uit schijfjes die verder niet zoveel voorstellen. Zo kennen we ook het pareltje op deze schijf: Brimful of Asha. Een vrolijk verspringend tijdloos nummer dat een ster op zichzelf verdient. Het lijkt meer geluk dan wijsheid. Want verder stelt het album weinig voor. De Indische invloeden zijn heus wel beter gedaan.

Weer een aparte opening van Jimi. Hij vindt dat digitale wel erg geinig. Deze keer had het net zo goed de start van een album van DJ Promo kunnen zijn. Ach het is maar kort... Daarna volgt de muzikale opening van het album. Maar ook dat vind ik nog helemaal niets. Het is een beetje een saaie pop basis. Maar de boodschap is duidelijk. Hij heeft wat voor ons in petto. Dat blijkt uit het opvolgende Crosstown Traffic. Hier wordt toch even de basis gelegd voor laten we zeggen, Red Hot Chili Peppers achtige muziek. Dan volgt Voodoo Chile. Die blues vaart wat meer op de basis van anderen, maar is toch fijn uitgevoerd. Little Miss Str(aaa---aaa-aa)ange heeft een verschrikkelijke jaren '60 zang, waar zelfs de gitaar van Jimi niet tegen op kan.

Het gaat te ver om elk nummer langs te kopen. Maar uit bovenstaande is wel te concluderen dat het album op alle vlakken veelzijdig is. Eén element moet ik er toch nog even uitpakken. De speelse Jimi van de intro komt nog wel eens terug. Het verdraaiende geluid bij Gypsy Eyes is bijvoorbeeld niet om aan te horen. De afsluitende hit heeft dat ook. Maar de virtuoze gitaar mondt deze keer uit in een mooi uitgevoerd boomer-rock-geluid en dat neemt alle ergernis weg.

Johnny hebben we door deze lijst al eerder in een gevangenis horen spelen. Dat vraagt om een vergelijking.

De setting zorgt in beide gevallen voor een bijzondere sfeer. In dit geval wil je daar niet perse bij geweest zijn. Maar het werkt zelfs op een schijfje.

Bij het optreden in San Quentin zat meneer iets meer op zijn praatstoel. Niet erg op locatie zo te horen. Het publiek waardeert het duidelijk. Op het schijfje pakt het optreden daardoor net iets minder dan het optreden in Folsom.

De aanleiding voor Folsom bestond al. Voor San Quentin heeft Johnny snel een tekst op zijn standaard geluid uit zijn mouw geschut. Sterk natuurlijk, dat hij iets speciaals doet voor de plek waar hij optreedt. Toch ook een beetje lui. En dat blijkt ook als hij het nummer herhaalt. Niet aan het eind van de set om het nummer van de dag te benadrukken. Nee, echt direct achter elkaar.

Ach, het is het ergste niet. Maar als je het gaat vergelijken, scoort At Folsom daarmee wel net iets beter.